Slim omgaan met installaties

Elke dag verbruiken installaties in uw gebouw ongemerkt energie. Denk aan verwarming, koeling, ventilatie en verlichting die aanstaan terwijl er niemand is. Zonde van de energie én van het geld.

De Omgevingsdienst controleert onder andere of installaties binnen uw gebouw correct zijn ingesteld. De plicht om dit goed te regelen én te blijven borgen, ligt bij u als gebruiker of gebouwbeheerder. Niet goed ingeregeld? Dan kan dat niet alleen leiden tot hogere energiekosten, maar ook tot een overtreding van de energiebesparingsplicht.

Voorbeeld: Een ventilatiesysteem dat ’s avonds blijft draaien, terwijl het gebouw leeg is, kost honderden euro’s per jaar extra. Door een simpele aanpassing in het klokprogramma bespaart u direct op uw energiekosten.

Wilt u zeker weten dat uw installaties goed zijn ingesteld? Op deze pagina vindt u uitleg, voorbeelden, checklists en praktische tips om dit goed én blijvend te regelen.

Gebouwbeheersysteem: wat het is en waarom het u energie kan besparen

In veel gebouwen worden installaties automatisch aangestuurd zonder dat iemand daar dagelijks naar omkijkt. Dat lijkt handig, maar als deze instellingen niet kloppen, gaat er ongemerkt veel energie verloren. Juist daarom is het belangrijk om te weten wat een GBS (Gebouwbeheersysteem) is en wat u ermee kunt (of moet) doen.

Wat doet een GBS precies?

Een Gebouwbeheersysteem (GBS) is een systeem dat installaties in een gebouw automatisch aanstuurt. Denk aan:

  • Verwarming (inclusief stooklijnregeling)
  • Koeling
  • Ventilatie (ook wel: LBK of luchtbehandelingskast, inclusief nachtventilatie)
  • Verlichting
  • Soms ook computers of zonwering
  • Beveiliging

Met een GBS stelt u bijvoorbeeld in wanneer de verwarming aangaat of wanneer de ventilatie moet uitschakelen. Dit kan vaak per dag of per ruimte worden geregeld. Het systeem zorgt ervoor dat alles soepel samenwerkt – als het tenminste goed is ingesteld.

Vergeet uw luchtbehandelingskast, koeling en verwarming niet

Een GBS regelt vaak ook de luchtbehandelingskast (LBK), die zorgt voor frisse lucht in het gebouw. Let hierbij op de klokinstellingen. Een goed ingesteld systeem laat de ventilatie een halfuur vóór opening starten, en schakelt het uit na sluitingstijd.

Ook de stooklijn verdient aandacht, dat is de verhouding tussen de buitentemperatuur en de aanvoertemperatuur van de verwarming. Staat die te steil ingesteld, dan stookt het systeem onnodig hard. Daarnaast kan nachtventilatie ’s zomers helpen om het gebouw te koelen, maar verkeerd ingesteld zorgt het juist voor onnodig warmteverlies.

Wat we vaak tegenkomen:

De verwarming staat aan de koele kant van het gebouw, terwijl het ventilatiesysteem koude lucht naar binnen blaast.

  • Verwarming of verlichting staat aan buiten openingstijden
  • Alle installaties draaien op volle toeren in een leeg pand.
  • Deze systemen werken dan tegen elkaar in – en dat kost onnodig energie én geld.

Wat zegt de wet?

Volgens de energiebesparingsplicht moet u alle maatregelen nemen die binnen vijf jaar zijn terugverdiend.

Een goed ingesteld GBS met de juiste klokinstellingen valt daar vaak onder. Voor specifieke installaties zijn er erkende maatregelen binnen de Erkende Maatregelenlijst (EML), zoals:

  • GC1 – Pas een klokregeling toe en regel deze in
  • GD1 – Pas een klokregeling toe op het ventilatiesysteem
  • GF1 – Pas een regeling toe op de verlichting, zodat deze buiten gebruikstijden niet onnodig brandt

Voldoet uw situatie aan de randvoorwaarden van een erkende maatregel? Dan bent u wettelijk verplicht om deze uit te voeren én in werking te houden.

De volledige maatregelbeschrijvingen en randvoorwaarden vindt u op de website van RVO:

Praktische tips

  • Vraag uw installateur of leverancier om een korte uitleg van het systeem.
  • Check of vakanties en feestdagen zijn ingevoerd in het klokprogramma.
  • Stel iemand binnen uw organisatie verantwoordelijk voor de instellingen.
  • Controleer regelmatig of systemen elkaar niet tegenwerken.

Doe de GBS-check

  • Zijn er klokinstellingen voor verlichting, verwarming, koeling en ventilatie?
  • Zijn deze afgestemd op de werkelijke openingstijden?
  • Staat het systeem in de zomer anders afgesteld dan in de winter?
  • Worden onnodige draaiuren vermeden?

Een goed ingesteld GBS is een krachtig hulpmiddel. Maar alleen als u het goed gebruikt.

Veel ondernemers weten wel ongeveer wat hun gebouw verbruikt, maar hebben geen duidelijk beeld van wanneer en waarom. Dat is zonde. Want juist die inzichten helpen om slimmer te sturen, energieverspilling te voorkomen én te voldoen aan de wettelijke eisen.

Een energiebeheersysteem maakt dit inzichtelijk

Wat is een energiebeheersysteem?

Een energiebeheersysteem (EBS) is een systeem dat uw energieverbruik meet en overzichtelijk weergeeft. Het laat zien hoeveel u verbruikt, wanneer pieken ontstaan en waar verspilling plaatsvindt. Zo kunt u gericht maatregelen nemen om uw energiegebruik te verlagen – en kosten te besparen. Oftewel: een EBS is uw energiemeter met een brein.

Wat is het verschil tussen een energiebeheersysteem en een gebouwbeheersysteem?

Een gebouwbeheersysteem (GBS) stuurt installaties aan, zoals verwarming, koeling of ventilatie. Een energiebeheersysteem (EBS) laat juist zien hoeveel energie die installaties verbruiken en wanneer.

Kortom:

  • GBS = aansturen
  • EBS = analyseren en optimaliseren

Beide systemen vullen elkaar aan. Met een GBS regelt u het gedrag van uw installaties, met een EBS ziet u of dat ook energiezuinig uitpakt.

Grafieken analyseren: van data naar inzicht

Veel bedrijven hebben wel data over hun energieverbruik, maar gebruiken die niet optimaal. Zonde, want juist in die cijfers schuilt de sleutel tot besparing. Door grafieken goed te analyseren, ziet u waar energie weglekt en waar kansen liggen.

Met een goed ingesteld EBS kunt u:

  • Kloktijden controleren: gaan installaties aan en uit op de juiste momenten?
  • De basislast analyseren (het verbruik als alles ‘uit’ zou moeten staan).
  • Pieken opsporen, zoals onverwacht verbruik van persluchtinstallaties buiten werktijden of nachtelijk stroomgebruik.
  • Verbruik vergelijken over verschillende dagen, maanden of jaren.

Hoe werkt dat?

Bij kleinzakelijke aansluitingen kunt u vaak slimme meters en energiebeheersoftware inzetten. Voor grootzakelijke aansluitingen is meetdata per kwartier (elektriciteit) en per uur (gas) standaard beschikbaar. Daarmee ziet u precies:

  • Waar het verbruik plaatsvindt (per locatie of proces).
  • Wanneer het verbruik optreedt (dag, nacht, weekend).
  • Hoeveel het verbruik afwijkt van eerdere perioden.

Door deze informatie te vergelijken met historische waarden ontdekt u afwijkingen en besparingskansen.

Waar let u op?

  • Piekverbruik: ontstaan er onverwachte pieken op bepaalde momenten?
  • Basislast: blijft er verbruik zichtbaar als alles eigenlijk ‘uit’ zou moeten staan?
  • Instellingen: draaien installaties te vroeg, te laat of onnodig door?

Praktische voorbeelden

  • Het verwarmingssysteem blijft in het weekend draaien – direct zichtbaar in de grafiek.

voorbeeldgrafiek waarin duidelijk wordt dat gebruik van gas per vierkante meter aanzienlijk afneemt als de verwarming in het weekend uit is

  • Uw pand start al om 04:00 op, terwijl de openingstijd pas 08:00 is.
  • Dankzij een EBS ontdekt u dat een deel van het verbruik onverklaarbaar hoog is: vaak een signaal voor een lek of foutieve instelling.
  • Persluchtlekkages zijn zichtbaar doordat de compressor onnodig vaak inschakelt. Een eenvoudige reparatie kan hier flink besparen.

Wat zegt de wet?

De energiebesparingsplicht schrijft voor dat u alle maatregelen moet nemen die u binnen vijf jaar terugverdient.

Het toepassen van een automatisch EBS met rapportagefunctie – zoals beschreven in maatregel GA1 – is zo’n maatregel. Om aan deze wettelijke eis te voldoen, is het volgende vereist:

  • Gas- en warmtenetverbruik moet per uur worden geregistreerd.
  • Elektriciteitsverbruik moet per kwartier worden geregistreerd.

Meer informatie over deze maatregel vindt u op de website van RVO  rvo.nl/energiemaatregelen/ga1

Doe de check

Veel energie gaat onnodig verloren door kleine dingen die ongemerkt blijven draaien. Gelukkig zijn er simpele acties die direct effect hebben – zónder grote kosten. 

Deze maatregelen zijn makkelijk toe te passen en besparen direct energie:

  • Koeling minder koud instellen. Vaak is 6°C voldoende. Elke graad scheelt energie.
  • Installaties eerder uitzetten. Kijk of verwarming, ventilatie of verlichting al eerder uit kunnen voor of na sluitingstijd.
  • Samenwerken op één verdieping. Bij lage bezetting (bijv. op vrijdag) kunnen installaties op andere verdiepingen uit.
  • Sluipverbruik voorkomen. Zet opladers, schermen of koffiemachines volledig uit met een stekkerblok met schakelaar.

Kleine foutjes die samen veel energie kosten

  • Verlichting in nevenruimtes brandt dag en nacht (bijv. toiletten of gangen).
  • Ventilatie of LBK draait buiten openingstijden, soms zelfs ’s nachts.
  • Vakantie- en feestdagen zijn niet ingevoerd in het klokprogramma.
  • Verwarming blijft aan in de nacht terwijl er niemand is.
  • Buitendeuren staan open tijdens koude periodes – warmte verdwijnt direct.
  • Installateur vergeet isolatie terug te plaatsen na onderhoud, wat zorgt voor warmteverlies.
  • Ventilatoren of motoren draaien standaard op 100%, terwijl 70% vaak voldoende is en veel energie scheelt.

Een korte check van deze punten kan honderden euro’s per jaar besparen.