Milieu-effectonderzoek laat beperkingen en kansen zien voor grootschalige opwek van zonne- en windenergie in Holland Rijnland

RES Holland Rijnland heeft door Witteveen en Bos als landelijke pilot een milieu-effectonderzoek laten uitvoeren om de plannen en ambities in de Regionale Energie Strategie (RES) 1.0 te toetsen op milieueffecten. Het concept planMER is op 8 juli ter inzage gelegd. Het onderzoek laat zien dat er in de regio vanuit milieueffecten de nodige beperkingen zijn om windmolens en zonneparken te realiseren. De ambitie voor een energieneutrale regio kan niet gemakkelijk worden gerealiseerd. De doelstelling van 1,05 TWh duurzame opwek in 2030 kunnen we alleen realiseren als we een zorgvuldige afweging maken, dat vastleggen in beleid en door compensatie. Een mix van windturbines en zonneparken heeft daarbij de voorkeur vanuit energiesysteemefficiency.

Huidige zoekgebieden kunnen onder voorwaarden

Op de kaart in de RES 1.0 met zoekgebieden voor zonne- en windenergie staan bijna geen zoekgebieden die vanwege milieu- of veiligheidswetgeving niet haalbaar zijn. Wel zijn er veel gebieden waar het vanuit milieuoogpunt niet gemakkelijk is om grootschalige opwek te realiseren. Het is altijd aan de Raden, Staten en het Algemeen Bestuur van de Waterschappen om een integrale afweging te maken en de uiteindelijke beslissingen te nemen over zoekgebieden en zoeklocaties voor grootschalige opwek.

Wat is onderzocht?

Het concept planMER gaat in op de plannen voor duurzame warmte en elektriciteit uit de RES. Die hebben de grootste ruimtelijke impact. Voor elektriciteit en warmte beschrijft het concept planMER de milieueffecten die van invloed zijn op de locatiekeuze en/of op de keuze voor een bepaalde energie- of warmtetechnieken. 

Hierbij is gekeken naar invloed op:
•    Natuur en biodiversiteit
•    Veiligheid (denk aan hoogtebeperkingen vanwege vliegverkeer)
•    Leefomgeving (geluid en slagschaduw)
•    Impact op het landschap/ mogelijkheid om in te passen in het landschap
•    Bescherming van waterwingebieden

Holland Rijnland heeft veel bijzondere landschappen, met Natura2000 gebieden, delen van het Natuurnetwerk Nederland, mooie cultuurhistorisch plekken en beschermde stads- en dorpsgezichten en belangrijke weidevogelgebieden. Holland Rijnland ligt in de buurt van Schiphol. Verder is  een deel van de regio dichtbevolkt en zijn er een paar bijzondere waterwingebieden die  belangrijk zijn voor onze watervoorziening. Het concept planMER laat zien dat dit samen zorgt voor een complexe opgave om geschikte plekken te vinden. Zonneparken zijn in te passen in het duinlandschap en in de droogmakerijen. Windturbines zijn onder voorwaarden mogelijk langs de (snel)wegen en in de droogmakerijen, mits de lijnen en de structuur van het landschap wordt gerespecteerd. Met als aanvullend advies vanuit de concept planMER om de randen van de polders op te zoeken en de openheid van het landschap zoveel mogelijk intact te houden.

Bij het winnen van warmte wordt er vanuit milieuoogpunt gewaarschuwd voor het beschadigen van de ondergrond en daarmee het risico om grondwater en diepgrondwater te vervuilen.

Wat is een planMER?

Het planMER helpt om de effecten van de voorgenomen ontwikkelingen op het milieu zichtbaar te maken. In 5 RES regio’s is als een pilot een concept planMER opgesteld. Holland Rijnland is een van die regio’s. Door voor de RES Holland Rijnland een concept planMER op te stellen, komen vroegtijdig de keuzemogelijkheden en beperkingen in de regio in beeld en kunnen de verschillende belangen tegen elkaar worden afgewogen. 

Voor het vaststellen van zoekgebieden en - in later stadium - concrete locaties spelen meer aspecten een rol dan milieu(gerelateerde) aspecten. Financieel economische haalbaarheid, draagvlak onder inwoners en ook bestuurlijke wensen en afspraken zijn belangrijk. Een plan dat op basis van de milieuregelgeving mogelijk is, maar economisch niet haalbaar en/of zonder voldoende draagvlak zal de eindstreep (concrete uitvoering) niet halen. Het concept planMER laat zien wat in /in deze fase vanuit milieu (en op basis van de vigerende milieuregelgeving) kansrijk, kansrijk onder voorwaarden of niet mogelijk is. 

Tussen 8 juli en 1 oktober ligt het concept planMER ter inzage en kunnen zienswijzen worden ingediend via RES@hollandrijnland.nl. Het concept planMER en de zienswijzen zijn de basis voor het definitieve planMER. Het definitieve planMER is vervolgens een van de bouwstenen voor de verdere uitwerking van de ambities uit de RES 1.0 voor de RES 2.0. Naast de moties en amendementen die door de volksvertegenwoordigers zijn ingebracht bij het bespreken van de RES 1.0 in hun vergaderingen.